img-14-new.jpg
020 567 30 90 Onbezorgde mobiliteit 24/7 Contact

DEEL DEZE PAGINA

FacebookTwitterGoogle+EmailPrint

Audi A1: zó duur is er geeneen…

Maar daar mag je niet over zeuren. Want je kunt óók gewoon een VW Polo of een Skoda Fabia nemen. Maar ja, dat is weer zo gewoontjes hè? Dus we reserveren braaf (minstens…) 30k voor wat we dan een ‘supermini’ noemen. Nee, geen MINI. Dat is juist het ding; we willen geen MINI. Want iederéén (in A’dam Zuid…) heeft een belachelijk dure MINI. De mini-Audi is in de acht jaar dat ‘ie alweer op de markt is, eigenlijk een relatief exclusief autootje gebleven. Het was dan ook wel erg weinig Audi voor je geld. Met de komst van de nieuwe A1 krijg je iets meer waar voor je geld, zo lijkt het althans. Want je krijgt altijd 5 deuren; hij wordt dus niet meer gemaakt in een driedeurs-uitvoering. Dat is niet meer rendabel, lees: te duur. Als dat niet hilarisch is, weten wij het ook niet meer. Wat je als A1-koper wèl heel goed moet weten, is wat je niét wil. Anders wordt het spelen met de configurator een duur tijdverdrijf en heb je zomaar een A1 samengesteld die bijna 40.000 euro kost. Om het niet meteen uit de hand te laten lopen, begin je met de 115 pk 1,0 liter driecilinder. Dan kom je qua prestaties heus niets tekort. Hij is er ook met 200 pk, maar dan heb je een vlees-noch-vis-autootje. Te veel vermogen om knuffelbaar te zijn, te weinig vermogen om recht te doen aan zijn stoere uiterlijk dat opzichtig verwijst naar het roemruchte verleden van de oer-Quattro’s. Om enigszins geloofwaardig te kunnen zijn als reïncarnatie van die rally-kanonnen zou er minstens 300 pk moeten schuilen achter die imposante frontpartij (dan heb je die extra koellucht-sleuven onder de rand van de motorkap wellicht ook daadwerkelijk nodig, net als de legendarische Quattro’s met hun rauw roffelende en vuurspuwende vijfpitters). 

Witte wielen!
Het goede nieuws is, dat de nieuwe behoorlijk is gegroeid ten opzichte van het oude A1-tje; bijna 5 centimeter in de lengte, terwijl de wielbasis zelfs tien hele centimeters langer werd. Daardoor wordt het inderdaad een alleszins bruikbaar ‘sportbackje’, met een kofferbak die 325 liter slikt. Het ding rijdt vooral ‘volwassener’ dan het vorige model, niet persé leuker en al helemaal niet spannender. En dat wordt helaas niet veel beter met de sterkste (200 pk dus) motor. Het onderstel is dan ook feitelijk niets bijzonders (waardoor we er veilig vanuit kunnen gaan dat er geen wilde Quattro-versie gaat komen) en de besturing is tamelijk gevoelloos. Typisch Audi. Typisch Audi is gelukkig ook het bijzonder fraaie (digitale) dashboard en de allesomvattende mooie bouwkwaliteit/afwerking. De standaarduitrusting is feitelijk ook prima, met diverse talloze veiligheids- en hulpsystemen. Het gevaar zit hem in de drang tot individualisering/personalisering waar Audi handig op in speelt. Wij zouden de Edition One (we zijn sowieso graag de eerste met nieuwe dingen…) nemen met witte(!) wielen! 

Dus…
Wij zouden nog even snel toeslaan, zo tussen ‘Sniklaas’ en de Kerstman. Vóór je het weet worden ze nóg duurder of heeft ‘iedereen’ er alweer eentje!






hi