|
Vroeger was alles beter. Althans, je wist in elk geval wat je had aan de gemiddelde Volvo-rijder. Hedentendage zou iemand die een Volvo heeft net zo goed een BMW of een Audi gekocht kunnen hebben. De Labrador is aan een willekeurige boom gebonden en het baasje aan het genieten van z'n auto.
Heel andere mensen
Ja, dat kan tegenwoordig. Genieten van een Volvo. Want Volvo's schurken qua 'premiumness' heel dicht tegen merken als Audi, BMW en Mercedes-Benz aan. Zeker, de zwaarbebumperde derdehands 245's mogen zich nog in de speciale belangstelling van een kleine bevolkingsgroep verheugen, maar de nieuwe Volvo's worden gekocht/geleast door heel andere mensen. En door die mensen wordt ook hard gereden. Ze bewegen zich bijna in BMW-stijl door het verkeer, waar de spreekwoordelijke veiligheid van Volvo's nog niet zo heel lang geleden een belangrijk aankoopargument vormde voor wie weinig vertrouwen in z'n eigen chauffeurskunsten had.
Eigen identiteit
Veilig zijn Volvo's overigens nog steeds, al zijn de bumpers dankzij de subtiele ingrepen van designer Steve Martin nauwelijks meer als zodanig herkenbaar. Herkenbaar als klassieke stationwagon zal de V70 altijd blijven. Volvo bezwijkt dus niet voor de verleiding deze reeks te laten evolueren tot SUV-achtigen of zelfs maar 'crossovers'. Volvo wil juist de markt voor grote combi's domineren. En het merk - dat uitstekend floreert onder de paraplu van Ford en bovendien een sterke eigen identiteit heeft weten te behouden - lijkt daartoe met de nieuwe V70 en XC70 uitstekend gereedschap in handen te hebben.
Opgestoerd
Hoewel de nieuwe auto's compacter lijken dan de vorige modellen, zijn ze 11 centimeter langer. Optisch bedrog, veroorzaakt door zowel de langere wielbasis als de rondere vormen. De markante, verticale achterlichten zijn gebleven, maar hebben wel een verrassende nieuwe vorm en er staat ook nog Volvo in kloeke letters op de achterklep. De XC70 is nog wat extra opgestoerd met matzwarte kunststofelementen en deze versie staat uiteraard wat hoger op de poten om extra grondspeling te creëren. Binnenin blijkt dat Volvo een hoog afwerkings- en kwaliteitsniveau heeft bereikt. Er zijn elementen van de V40/50 in terug te vinden en het interieur heeft die typisch Zweedse, ruimtelijke maar toch warme sfeer. Volvo's zijn echte 'feelgood'-auto's geworden.
Vooral heel makkelijk
Een goed gevoel geven ze zeker ook tijdens het rijden. Qua wielophanging word het een en ander gedeeld met Ford en dat is tegenwoordig een prima uitgangspunt. Deze auto's rijden vooral heel makkelijk. Laten zich vrijwel alles zonder veel drama welgevallen, waarbij de vierwielaangedreven XC-uitvoering verbaast door z'n enorme terreinwaardigheid. Hij kan meer in de modder dan de diverse modelletjes uit Korea die voor een echte SUV moeten doorgaan. En op de weg rijdt hij als een normale personenauto, met veel comfort door de wat langere veerwegen. Het veercomfort is er overigens sowieso behoorlijk op vooruit gegaan en een aan te raden optie is het adaptieve dempingsysteem met drie voorkeursinstellingen. Nee, zelfs in de 'advanced'-stand wordt een V70 geen BMW, maar je kunt er heus serieus hard de hoek mee om.
Dus…
Welke motor je moet nemen hangt uiteraard van het budget en het jaarkilomtrage af. De 2.5T met 200 pk is een adequate instapper, maar de vijfcilinder diesels zijn toch wat krachtiger en dus fijner. Helemaal fijn zijn de zespitters. Volvo kiest voor de echte zes-in-lijn, zoals het hoort. Hulde daarvoor, want wat een zijdezachte heerlijkheden zijn het, de drieliter turbo (285 pk) en de atmosferische 3.2 met 238 pk. Dus, waar wacht u nog op? Verwen uzelf en uw gezin (plus hond) met een zescilinder Volvo!
|